De autoriteiten onderzoeken een dodelijke schietpartij door de politie die dinsdagmiddag heeft plaatsgevonden in de wijk Pos Abou. Het incident betrof politieagenten en een 36-jarige man, die later aan zijn schotverwondingen is overleden. Volgens officiële informatie van het Korps Politie Aruba (KPA) staat de zaak momenteel onder onderzoek van de Landsrecherche vanwege de betrokkenheid van een politieagent.

Volgens een officiële verklaring van de politie deed het incident zich rond 15.10 uur voor, toen de Centrale Politiepost een verzoek om bijstand ontving van het FACT-team van Respaldo. Het verzoek had betrekking op een patiënt in Pos Abou die volgens de melding niet meewerkte. Hierop werd om ondersteuning van de politie en een ambulance gevraagd.

Politieversie van het incident

De politie-eenheden die op de melding reageerden, verklaarden bij aankomst te zijn geconfronteerd met de patiënt, die een machete in zijn hand had en zich agressief gedroeg. Agenten ter plaatse gaven aan meerdere pogingen te hebben ondernomen om de situatie te de-escaleren en herhaaldelijk mondelinge bevelen te hebben gegeven om het wapen neer te leggen.

Volgens het politiecommuniqué voldeed de man niet aan deze bevelen en bewoog hij zich op een bepaald moment in de richting van een politieagent, terwijl hij de machete nog steeds vasthield. Gezien de ernst van de situatie en de waargenomen dreiging voor de veiligheid van de agent, trok de betrokken agent zijn dienstwapen en loste schoten, waarbij de man werd geraakt.

Direct werd met de hoogste urgentie medische hulp ingeschakeld. Ambulancepersoneel verleende eerste hulp ter plaatse en stabiliseerde de gewonde man voordat hij onder spoedcondities naar het ziekenhuis werd vervoerd. Ondanks medische interventie bevestigden de autoriteiten later dat de man aan zijn verwondingen is overleden.

De overledene is geïdentificeerd als F.M.H., geboren op Aruba op 30 augustus 1989, 36 jaar oud.

Conform de standaardprocedure bij gevallen waarbij dodelijk geweld door een politieagent is gebruikt, werden meerdere instanties ingezet, waaronder de forensische politie, het Slachtofferhulp Bureau en de Landsrecherche. Het onderzoek is formeel overgedragen aan de Landsrecherche om onafhankelijkheid en transparantie te waarborgen.

Lezing van de familie en beschuldigingen

Naaste familieleden van de overledene, die door familie wordt geïdentificeerd als Frank Henriquez, hebben publiekelijk een duidelijk andere lezing van de gebeurtenissen gedeeld. In emotionele verklaringen op sociale media beschreef een familielid Henriquez als een rustige en vrolijke man met een hechte band met zijn moeder, die regelmatig muziek en livevideo’s online deelde.

Volgens de familie begonnen de gebeurtenissen eerder op dezelfde dag, dinsdag 27 januari 2026, toen Respaldo contact opnam met de moeder van Henriquez en haar vroeg haar zoon op te halen. Volgens de gedeelde informatie kreeg Henriquez toestemming om de instelling te verlaten en keerde hij samen met zijn moeder terug naar huis. Zijn moeder informeerde naar de benodigde documenten om het ontslag te formaliseren, maar kreeg te horen dat vertrek was toegestaan.

De familie stelt dat Henriquez in goede stemming thuiskwam, rustig tijd doorbracht in de tuin en later aangaf honger te hebben. Zijn moeder bood aan iets voor hem te bereiden, maar hij gaf aan dit zelf te willen doen. Ongeveer twee uur later zou Respaldo de familie hebben geïnformeerd dat er een fout was gemaakt en dat Henriquez niet had mogen vertrekken, omdat de benodigde papieren niet waren ondertekend.

Volgens de familieleden ging personeel van Respaldo vervolgens samen met politieagenten naar de woning in Pos Abou om Henriquez terug te brengen. De familie verklaart dat Henriquez al lange tijd bang was voor de politie, iets wat volgens hen zowel bij de familie als bij het Respaldo-team bekend was. Zij stellen bovendien dat Henriquez in eerdere situaties per ambulance werd vervoerd en medicatie kreeg om hem te kalmeren, wat ditmaal niet zou zijn gebeurd.

In de verklaring stelt het familielid dat politieagenten de woning zijn binnengegaan en aandrongen dat Henriquez onmiddellijk naar buiten moest komen. Aanwezige familieleden, waaronder zijn moeder en nicht, zouden de agenten hebben gevraagd tijd te geven voor de-escalatie en hebben aangeboden hem zelf terug te brengen. Volgens de verklaring raakte Henriquez in paniek, pakte hij een mes en bleef hij hiermee staan zonder zich richting de agenten te bewegen.

De familie benadrukt dat, ondanks herhaalde smeekbeden van zijn moeder en nicht om de wapens te laten zakken en tijd te geven om Henriquez tot rust te laten komen, de politie meerdere schoten loste. Drie kogels zouden Henriquez in de borst hebben geraakt. Volgens de familie stond zijn moeder naast hem en was zij getuige van de schietpartij.

De familie heeft de politie scherp bekritiseerd, spreekt van buitensporig geweld en roept op tot verantwoording. Ook wordt de vraag gesteld waarom het aanwezige personeel van Respaldo niet actiever heeft ingegrepen om met Henriquez te communiceren.

Verklaring van de Korpschef

Als reactie op het incident en de publieke reacties heeft Korpschef Ramon Arnhem een openbare verklaring afgelegd, waarin hij zijn medeleven betuigde en opriep tot kalmte zolang het onderzoek voortduurt.

“Gisteren vond een zeer betreurenswaardig incident plaats. Mijn collega’s waren betrokken bij een schietincident waarbij helaas een persoon is overleden in Pos Abou. Een uiterst moeilijke situatie waarbij beide partijen zwaar zijn getroffen. Voor een ouder en familie is het verlies van een kind op zo’n plotselinge manier onbeschrijfelijk en intens pijnlijk,” aldus Arnhem.

Hij benadrukte dat zijn collega’s nooit hun huis verlaten met de intentie om in een dergelijke situatie terecht te komen en gaf aan het verdriet binnen de gemeenschap te voelen, evenals dat van zijn collega’s, die nog steeds in shock verkeren.

Arnhem bevestigde dat het onderzoek is overgedragen aan de Landsrecherche, onder leiding van het Openbaar Ministerie, juist vanwege de betrokkenheid van een politieagent. “Ik weet dat er veel vragen zijn, veel pijn en een sterke behoefte aan duidelijkheid. Om die duidelijkheid te verkrijgen, ligt het onderzoek bij de Landsrecherche onder verantwoordelijkheid van het Openbaar Ministerie. Zij zullen het incident zorgvuldig onderzoeken zodat alle betrokkenen duidelijkheid krijgen,” verklaarde hij.

Verder gaf hij aan dat, zolang het onderzoek loopt, alle vragen over de zaak via het Openbaar Ministerie moeten worden gesteld. Arnhem betuigde opnieuw zijn medeleven aan de familie van de overledene en erkende ook de emotionele impact op de betrokken agenten, waarbij hij aangaf dat psychologische ondersteuning beschikbaar zal worden gesteld.

Tot slot riep de politiecommissaris de gemeenschap op tot rust. “Mijn boodschap aan de gemeenschap is om kalm te blijven. Het onderzoek is gaande en volgt zijn vastgestelde procedure,” besloot hij.

De dodelijke schietpartij heeft geleid tot brede publieke discussie en emotionele reacties op het eiland, met name op sociale media, waar de roep om transparantie en gerechtigheid is toegenomen. Gemeenschapsleden uiten verdriet, woede en zorgen over de interactie tussen politie en personen die zich in een mentale crisissituatie bevinden.

In deze fase benadrukken de autoriteiten dat het onderzoek nog loopt en dat er geen conclusies moeten worden getrokken voordat alle bewijsmaterialen, getuigenverklaringen, forensische resultaten en procedurele beoordelingen zijn afgerond. Het Openbaar Ministerie zal bepalen of verdere juridische stappen noodzakelijk zijn zodra het onderzoek is voltooid.

Terwijl de familie van de overledene en de gemeenschap de tragedie blijven verwerken, blijft de aandacht gericht op de uitkomsten van het onafhankelijke onderzoek, dat duidelijkheid moet verschaffen in een zaak die een familie in rouw heeft achtergelaten, politieagenten in shock en een gemeenschap die antwoorden zoekt.