De strafzaak rond de fatale hit-and-run waarbij op 4 januari twee voetgangers om het leven kwamen, heeft deze week meerdere nieuwe ontwikkelingen gekend. Nadat de familie van verdachte Chania Fernandes-Pedra zich publiekelijk uitsprak over haar juridische situatie en haar mentale gezondheid, reageerden de nabestaanden van de slachtoffers met een emotionele verklaring. Vrijdag volgde vervolgens een nieuwe pro-formazitting, waarbij de rechtbank het verzoek van Fernandes-Pedra om haar voorlopige hechtenis te schorsen afwees. De verdachte blijft voorlopig vastzitten in afwachting van de inhoudelijke behandeling van haar zaak.

Tijdens de zitting kon de zaak opnieuw niet inhoudelijk worden behandeld, omdat Fernandes-Pedra zonder rechtsbijstand voor de rechter verscheen. De rechtbank stelde vast dat de verdachte momenteel geen advocaat heeft die haar in Aruba rechtsgeldig vertegenwoordigt. De Nederlandse advocaat Yehudi Moszkowicz was wel aanwezig in de rechtszaal, maar mocht niet namens haar optreden, omdat hij niet is ingeschreven als advocaat op Aruba. Ook ontstond enige spanning toen Moszkowicz in toga verscheen, waarna de rechter hem verzocht deze uit te trekken.

Ondanks het uitblijven van een inhoudelijke behandeling maakte het Openbaar Ministerie wel officieel bekend welke aanklachten tegen Fernandes-Pedra zullen worden ingebracht. Zij wordt onder meer verdacht van doodslag, het verlaten van de plaats van een ongeval, rijden onder invloed van alcohol en het besturen van een voertuig zonder geldig rijbewijs. Daarnaast wordt zij verdacht van twee pogingen tot doodslag, dan wel het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel, met betrekking tot twee andere personen die het ongeval overleefden. Volgens het OM bestuurde zij de Jeep Compass op hoge snelheid, onder invloed van alcohol en zonder geldig rijbewijs, waarna zij de twee voetgangers dodelijk aanreed en vervolgens doorreed.

De rechtbank maakte tijdens de zitting duidelijk dat het onderzoek nog niet volledig is afgerond. Zo wachten de autoriteiten nog op de resultaten van technisch onderzoek naar de harde schijf van het voertuig, die mogelijk gegevens kan bevatten over de snelheid van de auto, remgedrag en andere relevante informatie.

Daarnaast is ook een psychologisch rapport over de verdachte nog in voorbereiding. Op 20 augustus staat een nieuwe regiezitting gepland om de voortgang van het onderzoek te beoordelen. Indien het dossier dan volledig is, staat de inhoudelijke behandeling voorlopig gepland voor 2 oktober.

Fernandes-Pedra maakte tijdens de zitting gebruik van de gelegenheid om een door haarzelf en Moszkowicz opgestelde brief voor te lezen. Daarin vroeg zij de rechter om haar voorlopige hechtenis te schorsen. Ze verklaarde dat zij geen crimineel is, nooit eerder met justitie in aanraking is geweest en dat het ongeval haar leven volledig heeft veranderd. Volgens haar vormt zij geen gevaar voor de samenleving en zou zij zich aan alle voorwaarden houden die de rechtbank eventueel zou opleggen, waaronder een meldplicht of een rijverbod. Ook gaf zij aan dat haar detentie een zware wissel trekt op haar mentale gezondheid en dat behandeling buiten de gevangenis volgens haar beter mogelijk zou zijn.

Het Openbaar Ministerie verzette zich tegen dat verzoek. Volgens de officier van justitie rechtvaardigen de ernst van de feiten en de omstandigheden van de zaak geen schorsing van de voorlopige hechtenis. Na een korte schorsing besloot de rechtbank het verzoek af te wijzen. De rechter oordeelde dat de ernst van de verdenkingen en de grote maatschappelijke impact van de zaak zwaarder wegen dan de argumenten van de verdachte. Fernandes-Pedra blijft daarom in voorlopige hechtenis in KIA.

De zitting volgde slechts enkele dagen nadat de familie van Fernandes-Pedra tijdens een persconferentie haar zorgen had geuit over haar juridische positie. Volgens de familie is de huidige situatie ontstaan nadat de rechtbank een verzoek had afgewezen om de Nederlandse advocaat Yehudi Moszkowicz samen met de Arubaanse advocate Maritza Boyce aan de verdediging toe te voegen. Boyce zou volgens de familie bereid zijn geweest de zaak op zich te nemen, maar achtte samenwerking met een gespecialiseerde strafrechtadvocaat noodzakelijk vanwege de omvang en complexiteit van het dossier. Nadat de rechtbank dat verzoek had afgewezen, trok Boyce zich terug, waardoor Fernandes-Pedra momenteel zonder advocaat zit.

De familie verklaarde dat zij zich ernstige zorgen maakt over het feit dat een verdachte in een zaak van deze omvang zonder juridische vertegenwoordiging voor de rechter moet verschijnen. Volgens hen heeft iedere verdachte recht op een effectieve verdediging en kan het ontbreken van een advocaat invloed hebben op het verdere verloop van de procedure. Daarom is inmiddels een oproep gedaan aan de Orde van Advocaten Aruba om een ervaren strafrechtadvocaat te vinden die bereid is de verdediging over te nemen.

Naast de juridische aspecten besteedde de familie veel aandacht aan de mentale toestand van Fernandes-Pedra. Volgens hen heeft een behandelend psycholoog vastgesteld dat zij kampt met ernstige traumatische klachten als gevolg van het ongeval en dat behandeling binnen de detentie bemoeilijkt wordt. De familie benadrukte daarbij dat zij de ernst van het ongeval en het verdriet van de nabestaanden niet ontkent, maar vindt dat ook de rechten van de verdachte volledig moeten worden gewaarborgd.

Die verklaring leidde vrijwel onmiddellijk tot een reactie van de nabestaanden van de slachtoffers. Zes maanden na het ongeval besloten Yhoely Willems en Edwin Willems voor het eerst zelf publiekelijk hun verhaal te vertellen. Volgens hen was dat noodzakelijk nadat de familie van de verdachte zich in de media had uitgesproken. Zij wilden naar eigen zeggen ook de kant van de slachtoffers laten horen.

Yhoely Willems, die zelf aanwezig was tijdens het ongeval en samen met haar partner ternauwernood aan de aanrijding ontsnapte, verklaarde dat haar familie sinds de tragedie nooit persoonlijk excuses of medeleven heeft ontvangen van Fernandes-Pedra of haar familie. Ook weersprak zij eerdere berichtgeving waarin werd gesteld dat de familie van de verdachte contact zou hebben gezocht en financiële hulp zou hebben aangeboden. Volgens Willems is daarvan nooit sprake geweest. Zij gaf daarnaast aan dat haar familie er de afgelopen maanden bewust voor had gekozen om niet publiekelijk te reageren, zodat het Openbaar Ministerie ongestoord zijn onderzoek kon uitvoeren.

Een groot deel van haar verklaring ging over de persoonlijke gevolgen van het ongeval. Willems vertelde hoe zij haar ouders direct na de aanrijding levenloos op de weg zag liggen. Inmiddels is zij zeven maanden zwanger van haar eerste kind, een zwangerschap waarvan haar moeder nooit heeft geweten dat zij oma zou worden. Binnenkort zal zij haar eerste kind verwelkomen zonder haar moeder aan haar zijde. “Over twee maanden kan Chania’s moeder haar dochter nog steeds in KIA bezoeken, haar omhelzen en met haar praten. Dat voorrecht zullen mijn kind en ik nooit meer hebben,” zei zij tijdens de persconferentie. Tevens sprak zij de wens uit dat Fernandes-Pedra voorlopig in detentie blijft totdat de strafzaak inhoudelijk is behandeld.

Ook Edwin Willems nam het woord. Hij zei dat hij zich publiekelijk uitsprak om de nagedachtenis van zijn moeder en stiefvader te verdedigen. Volgens hem zou een excuus het verlies niet ongedaan maken, maar had een oprechte verontschuldiging wel iets gezegd over het karakter van degene die verantwoordelijk wordt gehouden voor het ongeval. Hij vertelde verder dat zijn eigen kinderen nog regelmatig vragen naar hun oma en dat ook zij psychologische begeleiding nodig hebben gehad als gevolg van de tragedie. “De echte slachtoffers zijn de overledenen en de families die achterblijven met dit enorme verdriet,” aldus Willems. Hij sprak zijn waardering uit voor het werk van het Openbaar Ministerie en zei vertrouwen te hebben in het lopende onderzoek.

Met de uitspraak van vrijdag lijkt de strafzaak opnieuw een belangrijke stap dichter bij de inhoudelijke behandeling te zijn gekomen, al blijft daarvoor eerst aanvullend onderzoek noodzakelijk. De rechtbank maakte bovendien duidelijk dat het de verantwoordelijkheid van Fernandes-Pedra is om vóór de volgende zitting over rechtsgeldige juridische bijstand te beschikken. Mocht haar verzoek om opnieuw door Moszkowicz te worden bijgestaan wederom worden afgewezen, dan zal zij een advocaat moeten zoeken die bevoegd is om op Aruba als raadsman op te treden.

Voorlopig blijft de zaak daarmee in een tussenfase. Terwijl de verdediging werkt aan een oplossing voor de juridische vertegenwoordiging van de verdachte, wachten de nabestaanden op de inhoudelijke behandeling van een zaak die sinds januari diepe indruk heeft gemaakt op Aruba. De volgende belangrijke stap volgt op 20 augustus, wanneer de rechtbank zal beoordelen of het strafdossier volledig genoeg is om de inhoudelijke behandeling op 2 oktober daadwerkelijk te laten doorgaan.