De Sociale Verzekeringsbank (SVb) had het wettelijke recht om ruim Afl. 37.000 aan te veel betaalde AOV-uitkering terug te vorderen van een gepensioneerde, maar heeft daarbij niet volgens de juiste procedures gehandeld. Dat concludeert de Ombudsman Aruba in een rapport dat deze week is gepubliceerd.

De zaak ontstond nadat de SVb in 2018 een administratieve fout maakte bij de aanpassing van de AOV-uitkering van een echtpaar. Hoewel de wijziging wel was besloten, werd deze niet verwerkt in het systeem, waardoor de man drie jaar lang een te hoge uitkering ontving.

Opvallend is dat de fout uiteindelijk niet door de SVb zelf werd ontdekt. De gepensioneerde wees de instantie er in 2021 zelf op, nadat tijdens zijn belastingaangifte een verschil was opgemerkt. Toch begon de SVb vervolgens direct maandelijks bedragen op zijn pensioen in te houden, zonder eerst een formeel bestuursbesluit te nemen.

Volgens de Ombudsman had de SVb de terugvordering moeten vastleggen in een officiële beschikking, waarin ook de juridische grondslag en de mogelijkheden om bezwaar te maken duidelijk waren opgenomen. Dat gebeurde niet. Ook duurde het meer dan twintig maanden voordat de SVb inhoudelijk reageerde op het protest van de gepensioneerde.

Daarnaast oordeelt de Ombudsman dat de SVb onvoldoende rekening hield met de fiscale gevolgen. Doordat de inkomensgegevens niet werden aangepast, betaalde de man belasting over een hoger inkomen dan hij feitelijk ontving. De Ombudsman vindt dat de SVb actiever had moeten meewerken aan het herstellen van die situatie.

Hoewel de terugvordering volgens de wet terecht was, verklaart de Ombudsman vrijwel alle overige klachten gegrond. De SVb krijgt zes aanbevelingen, waaronder het voortaan uitsluitend gebruiken van formele bestuursbesluiten bij terugvorderingen, betere interne controles en meer ondersteuning voor burgers die door administratieve fouten financieel worden benadeeld. De SVb heeft zes weken de tijd om aan te geven welke maatregelen worden genomen.